Aubergine

Zit er deze week een mooie aubergine in je box? Top, want dit is een van de meest veelzijdige groenten die er zijn. Aubergine slurpt smaken op als een spons en kan zo bijna alle kanten op: van romige ovenschotel tot pittige curry. In dit artikel lees je wat aubergine precies is, hoe je hem het beste bewaart en geven we je vier makkelijke recepten waarmee je zeker niets weggooit.

Wat is aubergine?

Aubergine is een vrucht die we als groente eten, familie van de tomaat en de aardappel. Je herkent hem aan de glanzende, dieppaarse schil en het zachte, sponsachtige vruchtvlees. Rauw smaakt aubergine wat bitter en stevig, maar zodra je hem bakt, roostert of stooft wordt hij heerlijk zacht en romig. Juist die neutrale, milde smaak maakt aubergine zo dankbaar: hij neemt de smaken van kruiden, knoflook, olie en saus moeiteloos in zich op. Goed om te weten: de schil kun je gewoon meebakken. Daar zit de mooie kleur in en het scheelt afval. Ook het kroontje hoef je pas vlak voor bereiding weg te snijden. Zo haal je het maximale uit je aubergine en gooi je zo min mogelijk weg.

Zo bewaar je aubergine

  • Bewaren: Aubergine kan slecht tegen kou en verkleurt in de koelkast. Leg hem op een koele plek buiten de koelkast, in zijn verpakking of in (herbruikbaar) vershoudfolie — daar blijft hij ongeveer een week goed.
  • Aangesneden: Bewaar een aangesneden aubergine goed afgedekt in een afsluitbaar bakje in de koelkast en gebruik hem binnen één à twee dagen — het snijvlak verkleurt snel.
  • Invriezen: Blancheer plakken of blokjes aubergine kort voordat je ze invriest; rauw ingevroren wordt hij papperig. Geblancheerd blijft hij tot een jaar goed.
  • Goede buren: Leg aubergine niet naast appels, bananen of peren: het rijpingsgas van dat fruit laat hem sneller bederven.